Dag 1

Someren-Eind

 

We gaan naar Zuid-Frankrijk, maar hoe? We willen eigenlijk heel Frankrijk doorkruisen, maar dat is dus toch te hebberig als je maar krap 3 weken hebt. Oké, we gaan richting Bretagne en zien wel waar het schip (Buggy) strandt. In dit geval letterlijk, want we zijn nog geen  60 km.richting Calais gereden of de dynamo laadt al niet meer bij. In plaats van Calais wordt het Franky’s VW Service. Gewapend met nieuwe koolborsteltjes weer terug naar huis, auto maken, lunchen en om 14.00 zitten we weer in de auto.

 

Goed, via Bretagne is toch wel erg ver om: we gaan “gewoon” dwars door Frankrijk naar St.Jean de Luz. Waarom daar naar toe? Het is het laatste stadje aan de Atlantische kust op de grens van Spanje. Ik weet het, het slaat nergens op, maar je moet toch een doel hebben?

 

Het plan is om +/- 300 tot 400 km. per dag te rijden, naar gelang we zin hebben of niet. Maar aangezien we zo laat vertrokken zijn, komen we deze dag niet verder dan Bohan, net voor de grens van Frankrijk, een stukje boven Charleville. De hoteleigenaar is zo aardig om de was uit zijn privé garage te halen zodat we de auto binnen kunnen zetten.

 

Gereden: 348 km. (waarvan 106 km.naar huis en weer terug)

           


Dag 2

 

Bohan

 

Bij Charleville de grens over door de regio’s Champagne, een stukje Bourgogne en Centre. Het is behoorlijk saai rijden, Frankrijk heeft nu eenmaal veel akker- en landbouw en de stro vliegt ons om de oren en komt op het eind van de dag ook onze neus uit. Maar het weer zit ons mee, dus we mogen niet mopperen en dat doen we dus ook niet.

 

Het schiet zo wel lekker op en rijden deze dag dan ook behoorlijk wat kilometers.

We zoeken een klein stadje uit om te overnachten en komen aan in Issoudun, vlakbij Bourges (het zegt mij ook allebei niks, maar het ligt ergens in het midden van Frankrijk).

 

Heel gaaf hotelletje, van binnen is het net een minikasteeltje: ouwe zooi, alles scheef, brede trappen en je kunt er nog verdwalen ook. Het heet Les Trois Rois. We hebben er ook maar meteen gegeten en dat was maar goed ook. Het is een behoorlijk stadje, maar we hebben maar 1 kroeg/terras gezien, die ook nog om 10 uur dicht ging. Dus of we wilden of niet, we moesten vroeg naar bed…

 

Gereden: 541 km.




Dag 3

Issoudun

Door de regio’s Limousin en Aquitaine nog steeds richting zuiden. Het blijft een beetje saai rijden, al wordt de omgeving een stuk groener.

We komen aan in het dorpje Eymet om te overnachten. Erg leuk dorp met een middeleeuws karakter (’s avonds is er voor de kinderen een optocht in
ridderstijl). Het is blijkbaar een dorp waar veel Engelsen vakantie vieren, de restaurants hebben voornamelijk Engelse gerechten. We slapen in een hotel net buiten het dorp, geheten Les Vieilles Pierres, oftewel De Oude Pieten.

Gereden: 427 km.




Dag 4

Eymet

We vervolgen onze reis totdat ik besef dat mijn telefoon nog in het hotel ligt (gelukkig hadden we nog maar 40 km.gereden, maar toch….). Weer terug, telefoon ophalen en weer verder. We verwachten nu onderhand toch wel een mooiere omgeving, maar dat valt eigenlijk wel tegen: het lijkt meer op Zuid-Limburg dan op Zuid-Frankrijk.
Het weer is ook niet om over naar huis te schrijven, het is niet koud / wel droog, meer kan ik er niet van maken.

We bereiken ons eerste doel: St. Jean-de-Luz. Een typisch toeristisch stadje aan de Atlantische kust, waar we eigenlijk alleen maar Franse toeristen zien. Je kunt wel merken dat we aan de Spaanse grens zitten, want ze gooien je dood met Baskisch eten, Baskische souvenirs, etc.
Het is er erg druk, dus we hebben veel moeite om een hotel te vinden, maar gelukkig zijn we net op tijd en vinden een hotel
met parkeergarage midden in de stad!

Gereden:   357 km.





Dag 5

St. Jean de Luz

Dit is dan wel ons eerste doel, maar we hebben allebei niet de behoefte om hier een paar dagen te blijven. Te druk, te toeristisch en het weer is ook maar zozo.
Op naar het volgende doel: langs de grens Frankrijk-Spanje naar de andere kust van Frankrijk. Hebben we weer wat te doen.

We zijn amper een uur onderweg en horen een knappend geluid: koppelingskabel geknapt! Gelukkig rijden we net langs een supermarkt met grote parkeerplaats. Leo heeft een extra koppelingskabel bij, dat is het probleem niet, maar hoe krijg je dat ding erin. Gelukkig is Leo een slangenmens (ahum) en krijgt ie met een hoop gedraai en gepriegel de kabel op zijn plaats. Nu kunnen we weer verder.

Tot overmaat van ramp begint het te miezeren, het wordt kouder en van mooi uitzicht is door de nevel geen sprake van. We besluiten wat eerder een hotel te zoeken en omdat we niet zo ver van Lourdes af zijn, besluiten we daar naar toe te gaan.
We hebben geen flauw idee wat we ons voor moeten stellen van Lourdes, maar wat een commerciële zooi! Het begint al met het hotel: een oude muffe kamer voor de hoofdprijs. Lourdes-stad zelf bestaat uit 999 souvenirwinkeltjes waar ze allemaal dezelfde rozenkransen en wijwatervaatjes verkopen en uit 888 restaurantjes waar ze allemaal hetzelfde eten verkopen. Het gebied waar de grot ligt is mogelijk nog erger, de hebberigheid straalt er vanaf! Triest voor de mensen die echt geloven, maar wij willen alleen maar weg.
Leo steekt nog een kaarsje (baat het niet, dan schaadt het niet) aan voor van alles en nog wat en we zijn weer klaar om te vertrekken.

Gereden: 197 km.

 





Dag 6

Lourdes

Het weer is nog steeds niks: nat en koud.
De bedoeling is om een “uitstapje” naar Andorra te maken, maar met dit weer hebben we er geen zin in. We rijden dus verder richting Middellandse Zee.
We gaan ergens lunchen en merken dat het weer beter wordt. Hoera, de zon komt terug. We kunnen nu nog kiezen: wordt het toch Andorra of rijden we braaf verder? We doen net of we gek zijn (is niet zo moeilijk) en rijden naar Andorra, is maar een paar honderd kilometer om…..

Andorra is mooi, maar de weg om er te komen is het mooist (de N22). Andorra is gescheiden van Frankrijk door een bergpas (Pas de la Casa), dwars door de Pyreneeën, prachtig!!!
We rijden naar de hoofdstad, Andorra la Vella en zoeken daar een hotel. Mooie stad, met heel veel dure en chique winkels. We gaan lekker tapas eten en komen er (veel later) achter dat het regent dat het giet. Het houdt niet meer op met regenen en onweren en we gaan dus maar vroeg naar bed.

Gereden: 288 km.






Dag 7

Andorra la Vella

 

We verlaten Andorra via Spanje. Het weer is redelijk, het is droog en de zon schijnt, maar het is vrij koud. De omgeving is mooi, maar niet spectaculair.
We komen Frankrijk weer binnen en rijden richting Perpignan. We zijn nu vlakbij de Middellandse zee, ons
2e doel.

We volgen een beetje de kustlijn en blijven voor de komende nacht hangen in Narbonne Plage. Met heel veel pijn en moeite vinden we een kamer. De kamer is 10 x niks, maar we zijn al lang blij dat we een plek hebben. Het stadje is op zich best wel leuk, met een mooie lange boulevard, gezellige terrasjes en ’s morgens nog een heel grote markt toe.
We willen hier best wel een paar dagen blijven, want er is een mooi, groot strand en het is schitterend weer, maar niet in dit hotel en er is geen ander vrij. Dus trekken we maar weer verder.

Gereden: 297 km.




Dag 8

Narbonne Plage

Het is werkelijk fantastisch weer en waar we ook terechtkomen en hoe lang we ook moeten rijden, met dit weer is dat echt geen straf, integendeel!
Ons
2e doel hebben we bereikt en het wordt tijd dat we een volgend project
 verzinnen. Weet je wat, we gaan de kustlijn van de Middellandse Zee volgen, kunnen we weer even vooruit.

Toevallig, omdat we een drukke kustweg willen vermijden, komen we door een natuurreservaatje, genaamd Le Petit Camargue. Ik heb nog nooit zoiets moois gezien. Prachtige blauwe meren, een kolonie roze flamingo’s, witte zoutvlaktes. De combinaties van al die kleuren is magnifiek en dan die oorverdovende stilte: GEWELDIG! Bij ons zou een boswachter niet tolereren dat je met de auto door een reservaat rijdt, maar in Frankrijk kan en mag alles.

Vlakbij Montpellier komen we uit bij een grote bosbrand. Erg beangstigend voor de omwonenden, maar wel indrukwekkend hoor, al die blusvliegtuigen.

Natuurlijk willen we door de Camargue rijden. Je denkt bij een natuurreservaat aan een gebied als de Grote Peel of de Hoge Veluwe en de Camargue is daar een kruising van, maar dan 50 x groter. Heel erg mooi, vooral de wilde paarden, maar qua mooiigheid kan het (vind ik) niet tippen aan het vorige reservaatje.

We zijn via veel omzwervingen beland in Sausset les Pins en hebben zelfs een kamer met uitzicht over de haven. Leo wil hier wel een paar dagen blijven, want zoals gezegd de kamer is prima en de restaurantjes en terrasjes zijn gezellig. Maar ondergetekende Miep Zeur vindt het strand niks (keien) en ik zeg niet wie de baas is, maar morgen rijden we weer verder…..

Gereden: 307 km.



Dag 9

Sausset les Pins

Ik weet nu wat ze bedoelen met leven als een God in Frankrijk, dat doen wij nu ook, zalig !!
Wat rondtoeren in de zon met een temperatuurtje van een graad of 35 (lijkt heet, maar in de Buggy is het precies goed). Stoppen om wat te drinken of te eten als je daar zin in hebt. Dus qua omgeving is het prachtig, het weer is schitterend en het gezelschap is (wederzijds) te verdragen. Het enige probleem in deze contreien is het vinden van een hotelkamer. Mensen goedheid, wat is het overal druk!
Tegen de tijd dat we willen stoppen (en aangezien we toch wel ergens willen zijn waar wat te doen is) zijn we toch wel 1 a 2 uur bezig om een hotel te vinden. Maar dat geeft niet, zo komen we nog eens ergens.

We zijn nu in de buurt van Saint Tropez en je snapt het al, geen hotelkamer. We trekken iets verder landinwaarts en ik heb denk ik al 33,3 x gevraagd: “Vouz avez une chambre pour ce soir?”. Hèhè, eindelijk hebben we een kamer in Cogolin, een stadje van Niks. Het hotel heet Au Coq Hotel oftewel Hotel in de Haan.  

En dat zullen we weten ook, op alles wat je ziet staat de afbeelding van een haan. Grappig, maar eten uit een bord met haan, drinken uit een beker met haan, slapen in een bed met boven je een haan, aan de sleutel hangt (je raadt het al)een haan, geloof me: het verveelt heeeel snel. Ik kan geen haan meer zien (behalve Leo dan).

We eten vanavond in een restaurant waar ze voornamelijk gerechten uit de Provence hebben. Leo heeft soep met groenten en aardappelen en als hoofdgerecht varkenshaas met pesto. Ik heb als voorgerecht een soort slakken (coquilles) en als hoofdgerecht haai.

Gereden: 214 km.

 


Dag 10

Cogolin

We willen nu echt wel een paar dagen uitrusten (we worden ook ouder) en besluite dat we bij het eerste beste dorp-hotel-strand wat ons aanstaat stoppen. Dat is eerder als we zelf denken, want we hebben er pas 35 km.opzitten als we een heel mooi zand (jawel) strand zien met enkele hotels. Ergens tussen St. Maxime en St.Aygulf, genaamd Plage de la Nartelle. Het is een heel mooi hotel in hacienda-stijl, lekker rustig, met zwembad.

Hier slaan we een paar dagen ons kamp op. Ik wil onderhand ook wel eens een bruin linkerbeen (mijn rechterbeen is al bruin van het uit de auto hangen).

’s Middags zitten we al aan het strand.

Gereden: 35 km.


Dag 11

Cogolin

Strand is leuk, maar niet de hele dag, dus gaan we toch maar wat rondtoeren (het bloed kruipt….). De Provence is prachtig, die doodse stilte, die zinderende hitte, het geluid van de cicaden en die onherbergzame omgeving, heerlijk!

Gaan ook nog naar Grasse, de parfumstad, even een lekker geurtje kopen.

Gereden: 174 km.


Dag 12

Cogolin

Nog wat de omgeving verkennen, belanden in St.Raphael, drinken en eten daar wat en gaan weer terug (wat hebben we het toch druk !).
Ik ga met frisse tegenzin naar het strand: wie bruin wil worden moet zich vervelen. Leo gaat de Buggy wassen: alles liever dan zonnebaden!
’S Avonds gaan we lekker uit eten in St. Aygulf en zijn we er klaar voor om morgen weer verder te gaan.

Gereden: 85 km.

 


Dag 13

Saint Maxime

We gaan verder richting Italië om de kustlijn te blijven volgen. We komen door Nice en Monaco: het heeft toch wel iets, die mondaine omgeving, maar alleen als passant, niet om er vakantie te vieren.

Bij Menton passeren we de Italiaanse grens richting Ventimiglia, daar nemen we de S20 om na een aantal km. weer in Frankrijk te komen. We blijven op de S20 en na de tunnel de Tende zijn we weer in Italië (het lijkt wel bezigheidstherapie!).

In Fossano (een stukje onder Turijn) besluiten we een hotel te zoeken. Het is een gewone stad met meer industrie dan toerisme, dus zoveel hotels zullen er niet zijn. Maar terwijl ik vraag of er plaats is in het 1e hotel dat we tegenkomen slaat
de Buggy af en wil niet meer starten. Gelukkig is er plaats en duwen we de Buggy  de binnenplaats van het hotel op (het is een oude hoeve).

Voordat we ’s avonds uit eten gaan, probeert Leo de Buggy te starten, maar: niks. Nou ja, we zien morgen wel weer verder.

Ik vind de eigenaars van het hotel heel apart, het zijn alleen maar vrouwen, die door het hotel dolen (het lijken wel “goede”heksen). De opperheks is gekleed in een lange zwarte rok met zwarte stola en overal branden kaarsen.

’s Morgens, terwijl ik ga afrekenen en de opperheks ons een goede reis toewenst, start Leo de Buggy en hij doet het ook nog (zie je wel: goede heksen).

Gereden: 252 km.




Dag 14

Fossano

We stoppen onderweg naar Zwitserland even op een parkeerplaatsje om een foto te maken van een dorpje tegen de bergwand. Terwijl we dat doen, komt er een Fransman naar ons toe om te zeggen dat de auto benzine lekt. En inderdaad, het spuit eruit. Voor ons op de parkeerplaats staat een hele oude sloopwagen (slappe banden, stoelen eruit, etc.). Brutalen hebben de halve wereld en Leo heeft hem helemaal, want hij loopt naar die auto, haalt er een stuk benzineslang uit, monteert hem in de Buggy en tada! Probleem opgelost.
Hoe vaak tref je het, dat er net een sloopwagen staat als je hem nodig hebt? (of zouden de heksen nog bezig zijn?).

We rijden weer verder richting Turijn en het is de bedoeling dat we via Aosta (le Col  du Grand St. Bernard) de grens van Zwitserland passeren. Aangezien ik geen fatsoenlijke kaart van Zwitserland heb, laat ik het navigatiesysteem het werk doen en tik Bern in, heb ik ook even vrij.

Maar het systeem kent op de een of andere manier Zwitserland niet en stuurt ons terug naar Frankrijk. Daar komen we eigenlijk pas achter als de Mont Blanc aangegeven staat.
Maar dat is niet erg, want we hebben de Mont Blanc nog nooit gezien en we MOETEN niet naar Bern. We komen dus via de tunnel door de Mont Blanc Zwitserland in. Wat een imposante berg, ongelooflijk, ik maak denk ik wel 30 foto’s en kom niet uitgekeken. En dat allemaal dankzij een navigatiesysteem dat niet spoort!

We zoeken een hotel bij het meer van Lausanne en komen terecht in het plaatsje Evian. We hebben een kamer met uitzicht over het meer. Evian is een gezellig dorpje met veel restaurantjes en veel Nederlandse toeristen.

Gereden: 380 km.




Dag 15

Evian

Het blijft gelukkig prachtig weer, ook al gaan we weer noordwaarts. Zwitserland is een erg mooi land, in vergelijking met Frankrijk is het groener en schoner.

We nemen een hotel in Saverne, vlakbij Strassbourg (toch weer Frankrijk). We hebben al een hele poos door het stadje gelopen als we ergens wat willen gaan eten. Het wordt een pizzeria en aangezien we honger hebben bestellen we ook een voorgerecht. Ik bestel als voorgerecht een bruschetta en als hoofdgerecht pizza. Een bruschetta (was mijn ervaring) is normaal gesproken een soort toast (met tomaat en kaas). Maar hier is het blijkbaar een pizza. Kun je nagaan; pizza als voorgerecht en pizza als hoofdgerecht! Ik krijg er spontaan de slappe lach van, met als gevolg dat iedereen in het restaurant (en dat zijn zo’n 30 mannen) zien wat een vreetzak ik ben. Natuurlijk eet ik die pizza’s bij lange na niet op, zodat er nog een beetje plaats is voor een toetje. Bestel ik meringue: krijg ik een vol bord met ijs, schuim en slagroom (niet normaal meer, volgens mij deden ze het expres). Ze kennen me daar nu als Holle Bolle Ine.

Gereden: 350 km.




Dag 16

Saverne

Gelukkig, we passen qua omvang nog steeds in de Buggy, al gaat het steeds moeizamer. Het eten is ook allemaal zo lekker!

We gaan richting Luxemburg, maar hebben allebei geen zin om naar huis te gaan. Leo wil nog graag langs de Moezel rijden en aangezien we tijd zat hebben doen we dat ook.

Vanaf Luxemburg volgen we de Moezel tot aan Cochem. Leo wil graag een boottochtje maken over de Moezel, maar aangezien we te laat zijn voor een gewoon vaartochtje, boeken we voor vanavond een tocht met live muziek. We verwachten een opkomst van bejaarden en muziek uit het jaar nul en we worden niet teleurgesteld. Maar met een fles wijn (Moezel uiteraard) achter de kiezen hebben we alles bij elkaar toch een hoop lol.

Gereden: 425 km.




Dag 17

Cochem

Dit is echt de laatste dag, vanavond slapen we in ons eigen bed.  Ergens wel fijn, maar ergens hebben we helemaal geen zin om een einde te maken aan deze fijne vakantie.

We rijden via de Ardennen weer terug naar huis. Het is vandaag echt snikheet. Volgens het KNMI de heetste dag van 2009 en hier in de heuvels merk je dat maar al te goed. Zelfs rijdend is het niet om te harden. De lucht begint te betrekken dus we verwachten een fikse onweersbui, maar misschien redden we het tot we thuis zijn.

We gaan vlak voor de Nederlandse grens wat drinken en als we weer aan willen rijden, slaat de motor niet aan (startmotor heeft kuren). Gelukkig is er iemand zo vriendelijk om te helpen duwen en start ie weer.
Als we voor een verkeerslicht staan te wachten slaat ie weer af en moet ik hem alleen duwen en dat valt tegen hoor (de wagen valt mee, maar Leo is zo zwaar)! Gelukkig zijn we maar 200 meter van huis……..

Gereden: 352

 



Thuis

Someren-Eind

In totaal zijn we in 10 landen (nou ja) geweest en hebben 5029 km.gereden.

Nederland

België

Frankrijk

Andorra

Spanje

Monaco

Italië

Zwitserland

Luxemburg

Duitsland




Einde